menu
 
Vereniging
Gierzwaluw
      Inleiding
      Vliegen
      Voedsel
      Voortplanting
      Verspreiding
      Biotoop
      Vijanden
      Systematiek
      Weetjes
Onderzoek
Bescherming
Contact
Links
Overheid
Bouw en Renovatie
Veel gestelde vragen
 
 

 

 

De gierzwaluw is een trekvogel.
In de zomer is de gierzwaluw in haar broedgebied, buiten de broedtijd zijn zij onderweg of in Afrika.
Eind juli verlaten de jongen het nest. Ze vliegen vrijwel onmiddellijk naar zuidelijk Afrika, soms samen met oudere vogels.
Een tocht van 7000 km. Begin augustus zijn vrijwel alle gierzwaluwen uit Nederland vertrokken. Eind april van het volgend jaar keren ze weer terug. Dus alleen de maanden mei, juni en juli (100 dagen) zijn ze in Nederland.
De vliegreis wordt tamelijk vlug afgelegd, eigenlijk zonder rustpauzes. Ze komen midden september (tot eind november) aan in hun winter leefgebied.
Gedurende onze herfst en winter verblijven ze dus in Afrika, ver voorbij de evenaar. Ze volgen de natte moesson (regentijd) om aan insecten (voedsel) te komen. Deze tijd wordt gebruikt om te ruien. Het oude verenpak wordt (altijd maar vliegend) vervangen. Aan paarvorming wordt daar niet gedaan.

VerspreidingskaartIn Zwitserland is een geringde gierzwaluw 21 jaar achter elkaar in dezelfde nestkast teruggekeerd. Zij had toen een afstand afgelegd, die gelijk was aan 97 keer rond de aarde vliegen. Bijzonder detail: zij had in die 21 jaren slechts 2 partners.
Als de gierzwaluwen de grote trektocht ondernemen zijn ze overgeleverd aan vele bedreigingen. Boven de Alpen en de Pyreneeën kunnen ze bv. overvallen worden door onverwachte weersverslechtering. In zuidelijke landen zijn er nog de jagers en vogelvangers die het op hun leven hebben gemunt. Op grotere hoogten kunnen vliegtuigen ’s nachts slachtoffers maken. Voedselschaarste onderweg kan ook voor problemen zorgen. Ondanks de vele bedreigingen die de gierzwaluwen ondervinden tijdens hun jaarlijkse trektochten, is de grootste bedreiging voor de toekomst van de gierzwaluw de geleidelijke verdwijning van geschikte broedgelegenheden.

In Nederland is de gierzwaluw van oorsprong een bewoner van de oude binnensteden. Door renovatie en stadsvernieuwing heeft de gierzwaluw het daar steeds moeilijker. Door het gebruik van kunstnesten zien we de gierzwaluw nu ook in andere woongebieden.

Ook tijdens zijn verblijf in Nederland (het broedseizoen) legt de gierzwaluw enorme afstanden af. Logisch dat we hem in heel Nederland kunnen waarnemen. Het verspreidingskaartje hiernaast zegt niets over de broedplaatsen.

 

Bron: Sovon 2002